Magazine › Story

Van honderdduizend gieters naar edities van twaalf

Honderdduizend. Zoveel Lungo-gieters staan in tuinen van Porto tot Praag, van voorstedelijke terrassen tot koninklijke serres. Koningin Mathilde heeft er één. Willem-Alexander ook. “Althans, ze hebben er ooit één gekregen,” zegt Davy Grosemans. “Er zijn alleszins foto’s van.”

Het gaat niet om de gieter. Het gaat om wat er gebeurt als je honderdduizend keer hetzelfde object de wereld in stuurt en op een ochtend beseft dat je liever twaalf keer iets anders zou maken.

De speeltuin slijt

Grosemans studeerde in 1999 af als productontwerper aan de MAD-faculty in Genk en kwam diezelfde zomer bij Creneau International terecht, het Hasseltse bureau dat interieur- en brandarchitectuur exporteert van Brussel tot Dubai. Hij bleef er. Meer dan twintig jaar. Parallel richtte hij in 2001 Das Ding op, zijn eigen studio voor wat hij “leuke massaproducten” noemt. De FrouFrou — een strakke parasol die de kitscherige raffiaversie deed vergeten — leverde hem in 2008 een iF Product Design Award op. De Chubby, een industriële TL-buis in een gestoffeerde lampenkap voor verlichtingshuis Dark, werd een commerciële voltreffer naast de FrouFrou bij Sywawa. Twee producenten die mee groeiden op zijn tekentafel.

En dan was er de Lungo. Een gieter in de contouren van een geëmailleerde koffiekan uit de jaren twintig. Twaalf liter. Grosemans had het schetsje bijna niet getoond. “Ik ging langs bij Xala met een hele stapel ideeën en een groot designego — ik had net een aantal winners achter mijn naam. Eén voor één vonden ze alles maar niets.” Hij gooide de gieter op tafel om de vergadering te redden. De Lungo werd zijn grootste hit: meer dan honderdduizend stuks, heel Europa, later ook Noord-Amerika.

Maar de spelvreugde slijt. “Met schetsjes gaan leuren heeft nog iets uitdagend,” zegt Grosemans. “Maar de langgerekte nasleep om een productidee in productie én op de markt te krijgen… dat is tergend vaak.” De frictie zit niet in het ontwerpen. Die zit in alles erna: de mallen, de certificeringen, de logistieke keten, de marges. Het object dat de tekentafel verlaat als idee, komt aan bij de consument als compromis.

De Lungo gieter van Davy Grosemans voor Xala — het schetsje dat honderdduizend stuks zou worden, in tuinen van Porto tot Praag
Lungo gieter voor Xala, ontworpen door Davy Grosemans / Das Ding. Meer dan honderdduizend stuks, heel Europa. (c) Xala

Objecten op zoek naar betekenis

In 2022 lanceert Grosemans ÆTHER/MASS. Geen bureau. Geen opdrachtgever. Een label met één regel: edities van twaalf stuks, gesigneerd en genummerd, en nooit meer dan dat. De tagline — Objects in search of meaning — klinkt als een manifest, maar functioneert als een werkafspraak. Elk object moet iets zeggen voorbij zijn functie. Geen stoel die alleen draagt. Geen lamp die alleen licht geeft.

De lancering telde zeven objecten: een verlichtingsstuk, een stoel, twee schalen en een familie van drie sokkels die ook dienst doen als krukken of bijzettafels. Sculpturaal en architecturaal tegelijk, alsof ze net zo goed in een galerie als in een woonkamer kunnen staan. De houten stukken maakte hij samen met meubelmaker Casimir, de lamp in nauwe samenspraak met Wim Roggeman. Jean Van Cleemput fotografeerde de lanceringscollectie.

Vier jaar later telt het assortiment negentien objecten. De Shroud — een tafellamp uit 2025 — bestaat uit drie lagen geribd glas, gemaakt door glasmaker Wouter Lievens. Het licht breekt door de overlappende texturen en creëert patronen die bij elke hoek veranderen. Vincent Verheyen bouwde de techniek erin. Editie van twaalf, plus één proefeditie. Geen dimmer. Geen app. Glas, licht, en wat er tussenin gebeurt.

Detail van de Shroud tafellamp — drie lagen geribd glas van Wouter Lievens, waarbij elke hoekverandering een ander patroon geeft
Drie lagen geribd glas laten licht breken in patronen die bij elke hoek veranderen. Glas: Wouter Lievens. (c) Renaat Nijs

De leerling

Wat opvalt: Grosemans maakt niets zelf. Niet in de traditionele zin. Hij ontwerpt, ja, maar de uitvoering ligt bij ambachtslieden — en die relatie is geen hiërarchie van opdrachtgever en uitvoerder. Hij beschrijft zichzelf als leerling in hun atelier. Niet als retorische bescheidenheid, maar als methode. De dialoog met de maker leidt tot inzichten die de tekentafel niet biedt. Een experiment in het atelier opent een richting die geen schets had voorzien.

Het is een omgekeerde beweging. Bij Creneau en Das Ding stuurde hij ontwerpen de productieketen in en wachtte op wat er aan de andere kant uitkwam. Bij ÆTHER/MASS staat hij naast degene die het object laat ontstaan. De gieter was een schetsje dat een vergadering moest redden. De Shroud is een gesprek tussen een ontwerper en een glasmaker dat pas stopt als het licht doet wat het moet doen.

Schoonheid per ongeluk

Grosemans noemt het beauty by accident — schoonheid die ontstaat als bijproduct van functie en vakmanschap, niet als doel op zich. Het is dezelfde logica die hem aantrekt in de objecten die hij bewondert: gebruiksvoorwerpen geboren uit noodzaak, waarbij de esthetiek bijna toevallig meekomt. Een houten schaal die mooi is omdat de draaibank geen andere optie liet. Een kandelaar die elegant is omdat het smeedijzer zo afkoelt.

Die filosofie verklaart ook waarom ÆTHER/MASS geen catalogus heeft in de gangbare zin. De objecten worden niet gecategoriseerd naar functie — verlichting, zitmeubilair, accessoires — maar gepresenteerd als een verzameling die groeit op het ritme van de gesprekken met makers. Remembering Carl Andre naast de Parabole Chair naast de Forge Candelabra. Geen lijn. Een archief van ontmoetingen.

Davy Grosemans staat met gebogen hoofd tegen een betonnen wand, de smeedijzeren Forge Floor Candelabra met vier kaarsen voor zich
Davy Grosemans met de Forge Floor Candelabra. (c) Renaat Nijs

Twaalf

Honderdduizend Lungo’s in honderdduizend tuinen. Twaalf Shrouds op twaalf tafels ergens ter wereld. De getallen zeggen niets over waarde, alles over keuze. Davy Grosemans koos voor twaalf. Niet uit exclusiviteit. Uit de vrijheid om het volgende object al helemaal anders te laten zijn.

In maart 2026 toonde ÆTHER/MASS op COLLECTIBLE in Brussel — de beurs waar design en kunst elkaar vinden. Van Hasseltse tekentafel naar Brusselse beursvloer, met twaalf stuks per keer.